Veel jongeren die voor hun studiekeuze staan, kiezen een opleiding met het idee dat die studie direct verwijst naar hun latere werkplek. Dus als je geschiedenis gaat studeren, word je geschiedenisdocent. Als je rechten gaat studeren, word je advocaat. En als je commerciële economie studeert, kom je naar alle waarschijnlijkheid in een sales-positie terecht.

Soms is het fijn als je weet wat je wilt gaat doen. Maar uiteindelijk draait het in het leven toch ook om het zien en het pakken van de kansen die op je pad komen. Misschien kom je tijdens je studie iemand tegen, die je interesse wekt voor een heel andere richting. Eentje waar je zelf nog nooit over hebt nagedacht. Je interesses kunnen trouwens sowieso veranderen. Waar je bijvoorbeeld eerst de voorkeur gaf aan een bèta gerelateerde studie, kom je er nu achter dat je het ook belangrijk vindt om maatschappelijk relevant bezig te zijn.

En als je star vasthoudt aan de plannen die je op je 18e maakt(e), loop je wellicht het gevaar een hele interessante toekomst voor jezelf verloren te laten gaan.

Om je bewust te maken van de diversiteit in achtergrond en werk, wil ik jullie een aantal voorbeelden geven van loopbanen van bekende personen in de politiek, die wellicht anders zijn gelopen dan hun studie deed vermoeden.

Mark Rutte, minister-president, heeft geschiedenis gestudeerd. Tijdens zijn studie is hij gestopt om voorzitter te worden van de JOVD (jongerenorganisatie VVD). Na 3 jaar pakte hij zijn studie weer op, die hij na in totaal 7 jaar haalde. Vóór zijn grote politieke doorbraak heeft Rutte gewerkt in banen met verantwoordelijkheden op het gebied van opleidingen en trainingen, het begeleiden van reorganisaties, als personeelsmanager en directeur Human Resources.

Angela Merkel, bondskanselier Duitsland, studeerde natuurkunde en deed een promotieonderzoek over kwantumchemie. Zij koos voor een exacte studie, zodat zij zich grotendeels kon onttrekken aan te uitgesproken maatschappelijke betrokkenheid. Pas in 1989 trad zij toe tot de politiek, eerst in het voormalig Oost-Duitsland, daarna in het herenigd Duitsland.

Theresa May, prime minister van het Verenigd Koninkrijk, heeft een bachelor aardrijkskunde gehaald in Oxford. Na haar studie is zij bij de bank gaan werken, als financieel adviseur. In 1997 werd ze lid van het Lagerhuis.

Emmanuel Macron, president van Frankrijk, studeerde aan het Institut des Sciences Politiques en filosofie. Na zijn vervolgstudie aan de Ecole Nationale d’Administration (een voortgezette opleiding voor hoge ambtenaren), is hij meteen in de politiek gaan werken.

Donald Trump heeft een vastgoedopleiding gevolgd en lange tijd in het bedrijfsleven gewerkt. Hij was ondernemer, schrijver en tv-persoonlijkheid. Voor zijn presidentschap in 2017 heeft hij nooit een functie in de politiek gehad.

Justin Trudeau, premier van Canada, heeft een bachelor in literatuur en een lerarenopleiding (bachelor of education) gevolgd, waarna hij heeft gewerkt als leraar Frans en wiskunde. Sinds 2008 is hij politiek actief en in 2015 werd hij de 23e premier van Canada.

Scott Morrison, premier van Australië, studeerde economische geografie. Eigenlijk wilde hij nog een studie theologie volgen. Aangezien zijn vader dat niet zag zitten, ging hij aan het werk. Na in het vastgoed en de toeristensector gewerkt te hebben, begon zijn politieke carrière voor de Liberale Partij.

Dus wie weet waar jullie ooit nog eens terecht komen!

De zwakken wachten op hun kans.

De sterken grijpen hun kans.

Maar het zijn de wijzen die hun kansen creëren.”

 

Zie ook de eerdere blog ‘Studiekeuze: beperkend of kansrijk’ van Annette.